Bingo!

De zomervakantie  komt eraan. Binnen enkele weken zitten wij weer 6 weken op de fiets in Frankrijk.  Voor alle fietsende kinderen (en hun ouders) een klein extraatje: de Enige Echte Met Kinderen Op de Fiets BINGO. Benieuwd hoe lang het duurt voor alle zinnen aangekruist zijn.

Ik zet in op een halve dag…

Fietsbingo

 

Advertenties

Misschien fiets jij binnenkort wel op onze Pino rond

Neen, ik ben niet van plan mijn Pino te verkopen. Ook al staat hij sinds we terug zijn regelmatig stil. Net zoals de koerstandem die we hebben, mijn andere trekfiets en mijn plooifiets. Als bijna-autoloos-gezin verzamelden we een heel arsenaal aan fietsen. Die allemaal gebruikt worden, maar ook allemaal veel niet gebruikt worden.

Daarnaast delen we een auto en ondertussen ook een huis, kinderfietsen, een tuin(muur), een garage en heel wat spullen. Onze fietsen worden echter minder vaak uitgeleend. Wat de drempel hiervoor is, moet ik nog es bij mezelf in kaart trachten te brengen maar het zal wel deels gaan over materiële gehechtheid, schrik voor schade of diefstal. Wat ik veel minder heb bij onze deelauto. De fiets als mijn persoonlijk statussymbool dan toch?

Anderzijds zou ik best wel af en toe een goede bakfiets kunnen gebruiken, een elektrische als het even kan. Dan zouden we weer in staat zijn enkele bakken bier tegelijk in te slaan.

Ik schreef me dan ook wel es in op Spinlister en Listnride, de Airbnb voor fietsdelen, maar drie jaar later kreeg ik nog geen enkele aanvraag en maakte er zelf ook nooit gebruik van. Met een mooie site, zonder netwerk of stad achter je, ben je in fietsdeelland niet veel.

Maar wat als er in mijn onmiddellijke omgeving een netwerk zou ontstaan, gedragen door burgers, die hun fietsen met elkaar delen. Met een goed software systeem, een waarborggarantie, een uitgewerkte commonsgedachte zonder winst oogmerk. Want zeg nu zelf, dat autodelen- allemaal goed wen wel- maar zeer toekomstgericht is dat niet, we mogen nog een stapje verder gaan.

Uit de Box

En kijk, de mensen achter Degage, willen in Gent experimenteren met Uit de box fietsen. Ze hebben kennis, ze hebben de skills, ze hebben pioniersbloed, ze hebben lef, ze hebben een netwerk, ze werken bottom-up, ze werken met visie… Nu nog middelen. Daarom stem ik op hun idee bij het Burgerbudget. En als jullie als Gentenaar ook stemmen, dan kunnen jullie misschien op vakantie met de Pino, of met de koerstandem, of toch maar gewoon de brompton mee in de deelauto? (Stemmen kan tot 14 oktober)

Het Burgerbudget

Ik was van plan mijn top drie lijstje hier te delen, maar hoe meer ik naar al die fantastische projecten kijk, hoe moeilijker ik het vind. Hoewel ik het idee van burgerbudgetten genegen ben, bloedt mijn hart om al deze gedreven en enthousiaste burgers te laten concurreren met elkaar. Wie een groot digitaal netwerk heeft, zal winnen. Hoogdrempelig digitaal stemmen helpt niet echt voor lokale wijkgerichte bottom-up projecten. Hoe kan meer groen in één wijk moeten concurreren met kinderen meer kansen geven in een andere wijk? Ik stem dus in stilte en vertrouw er op dat ieder weet wie of wat hij of zij wil steunen. Voor de rest hop ik vooral dat het Burgerbudget heel wat dromen voedingsbodem gaf, zaadjes plantte en verbindingen legde en dat los van de uitkomst al deze initiatieven blijven gaan voor een warme, duurzame, solidaire stad.

Over thuiskomen, ontrommelen en vluchtelingen

We zijn 1 week terug. De  twee meest gehoorde vragen de voorbije dagen gaat over hoe het went en over hoe het was. Natuurlijk is op het eerste nog niet echt een antwoord te formuleren. Voorlopig zijn we blij met een volkoren boterham met kaas, een goed glas wijn met vrienden, de buurkinderen die in en uit lopen,  het Belgische weer, de Vlaamse wegen … ook al is het soms wat veel allemaal (zie verder). Antwoord op de tweede vraag is evenmin evident. Het was groots.

“The journey, Not the destination matters…”― T.S. Eliot

Gastvrij

Vaak denk ik, het lijkt allemaal heldhaftiger dan het eigenlijk is. Er waren op elke plek zoveel mensen die ons welkom heetten, die ons gastvrij ontvingen, die de kinderen een warm gevoel gaven, die hun best deden, die ons water en thee gaven, een stuk koek of een maaltijd, die maakten dat we nu zachte mooie en warme herinneringen hebben.

En wij waren op reis, op doorreis, klaar om een land een beetje op te snuiven,  een cultuur een heel klein beetje te ontdekken, een blik te verruimen, een smaak te verkennen. Wij hebben een veilig nest waar we terug naar keren, een visa kaart met geld op, een familie die om ons geeft en een werk dat op ons wacht…

We lieten de aandacht welgevallen, ook al was ze soms beklemmend.

Chinese vrouwen kijken naar een slapende Maurice en giechelen hem wakker

Refugee walk

Maar stel dat je dat niet hebt, dat de aandacht die je krijgt eerder negatief is, dat je geen huis hebt om naar terug te keren, geen warm welkom om even uit te rusten, dat je reis geen doorreis is, maar een ontsnappen, dat je achter liet waar je in geloofde, dat je vlucht  om je kind hoop te geven.

Waar iemand dan nood aan heeft, is een warme kom soep, een wegwijzer, een helpende hand.

Vluchtelingen leggen vaak lange afstanden af op zoek naar een veilige thuis. Op 24 september ga ik opnieuw, samen met andere Gazelles,  de uitdaging aan en neem ik deel aan de Refugee Walk: 40 kilometer stappen en geld inzamelen voor mensen op de vlucht.

De opbrengst gaat naar Vluchtelingenwerk Vlaanderen.  Sponsor ons en geef vluchtelingen een warm welkom aan het einde van hun lange tocht.  Oja, vanaf 40 euro is het ook nog es fiscaal aftrekbaar.

Chuuf les gazelles na 40 km stappen in 2016

Het is soms wat veel

Na bijna 5 maand geleefd te hebben met 8 fietstassen voor 4 personen, overvalt me hier thuis de veelheid aan spullen. De kasten lijken zo vol, het speelgoed zo massaal, de boeken zo chaotisch, het eten zo overvloedig, … En ik ben niet alleen, ook Annelyse heeft er last van (welkom terug Annelyse, was fijn een reizende Europese variant te kunnen lezen). Omdat ik sterk geloof in ontrommelen (ook al lukt dat vaak minder goed dan ik zou willen), ben ik ervan overtuigd dat dit rust kan brengen. Ontrommelen voor het goede doel, maakt mijn persoonlijke missie ook een stuk eenvoudiger. In deze facebookgroep kan je zelf spullen aanbieden of iets van onze spullen kopen. Alle opbrengst gaat naar Refugee Walk, dus dat noemen ze twee vliegen in 1 klap.

En, neen, de Pino komt er niet op…

 

Water aan de lippen in Yangshuo

1, 2, juli Yangshuo

3 juli Yangshuo -Guilin 70 km

Bij het licht van een kaarsje eten we ons noodrantsoen noedels (eentje die we al van in Laos meesleuren). Samen met twee lauwe pinten, een pak chips en een pak koekjes is het de maaltijd van de dag.  Maurice vindt het gezellig.  No Kidd Inn, het hotelletje waar we de voorbije dagen enige gast en koning te rijk waren, stroomt vol met mensen die er de nacht gaan doorbrengen. 

De hele voorbije nacht heeft het geregend en ook in de ochtend blijft het gieten. De vorige dagen hebben we verschillende fietstochten gedaan, maar vandaag lijkt dat niet ideaal. Dus we gaan uitgebereid ontbijten in de Bin Jiangroad bij de Li rivier. De neerstriemende regen heeft iets gezelligs, we zitten droog, drinken koffie, het is warm… ook al vragen we ons af hoeveel water de rivier- die al erg hoog staat- nog kan sliken.

10u regen, regen,… Iedereen checkt het rivier peil en wij drinken koffie

Ons hotelletje ligt iets verderop in een klein omhooglopende zijstraatje. We beslissen dat het een lees-, oefen en plandag wordt. De riooldeksels spuwen ondertussen water, de politie houdt de kade in het oog, enkele grote boten op de rivier manoeuvreren. We krijgen te horen dat de wegen naar Guilin afgesloten en de bruggen toe zijn.

Water vindt langzaam maar zeker zijn weg. Langs de vele heuvels kabbelt het regenwater zachtjes naar beneden. En dus gebeut het. De Li river treedt buiten haar oevers. Enkele uren later is het centrum van Yangshuo volledig ondergelopen. Onze kamer is op de 5de verdiepping en het water is voorlopig een drietal meter voor ons hotel tot stilstand gekomen. Vanuit onze plek kunnen we nog drie straten lopen en dan zitten we vast. Een klein droogeiland waar heel wat mensen samentroepen. Naar de andere kant van de stad gaan (die trouwens even afgesloten is) kan alleen met een bootje of tot aan je middel in het water.

Beneden onze straat

Yangshuo centrum

De electriciteit wordt afgesloten. We zitten dus zonder stroom en internet. De kleine winkeltjes  trachten hun koopwaar in veiligehid te brengen, of het nu hun frigo is of 100 zomerkleedjes,  de garage aan het begin van onze straat slokt heel veel kubieke meters water op en staat enkele uren later volledige onder. Ik denk aan de scooters die daar nog binnen staan. 

Deze garage krijgt heel wat te slikken, een uur later staat ze vol water

Yangshuo centrum

Vuilnis begint rond te zwerven en uur na uur stijgt het bruine water. De inwoners van Yangshuo blijven er uitermate kalm onder, ze zijn het hier gewoon. Met bamboobootjes doorpellen ze de straten om gestranden naar de overkant te brengen. Ze wachten af en komen pas in actie als het water er ei zo na is. Onze hoteleigenares kocht alle noedels uit de kleine buurtwinkel op, verschaft onderdak aan de minder gelukkige handelaar van iets lager in de straat -die een 30 tal natte zakken koopwaar naar boven sleurt, gebruikte zijn gasbekken en begon haar noedels te verkopen. Ondernemer ben je of niet. 

De avond valt, we krijgen warm water voor noedels van de gestrande winkelier en een kaars van de eigenares.  En ik lees verder Harry Potter voor, maar  in een donkere stad, een gonzend pikdonker hotel en water dat onzichtbaar steigt, stoppen we tijdig -voor er nachtmerries van komen- en kruipen in bed. 

Nog een beetje lezen

Aan de overkant is er blijkbaar wel electriciteit

De volgende dag is zoals voorspeld  het water gezakt, de stad likt haar wonden. Hij wilt vertekken, en omdat de kans op koffie zowat nihil is, ga ik snel akkoord. Overal vuilnis, mensen die hun huizen leeg scheppen, marktkramers die opnieuw beginnen verkopen maar nog steeds geen electriciteit.  

De stad likt haar wonden, de markt herleeft

We kopen wat bananen, lopen vast op ondergelopen straten, besluiten een deel door de bergen te fietsen en langs de grote baan de 70 km terug richting Guilin te gaan. De tocht was mooi maar overal zag je de schade van water De baan was goed -we fietsten zelfs even over het beste fietspad tot nu toe. 

We kwamen een Zuid-Koreaanse fietser Leo tegen die ook rechtsomkeer had gemaakt. Samen fietsen we verder. 20 km voor Guilin is de baan plots afgezet. 100 m water staart ons aan. Ergens middenin zie je gestrande camions en zelfs een brandweerwagen. Welicht een aardverzakking want ze steken nog maar een beetje boven water. Grote graafmachines bieden zich aan als overzet. En zo geschiedde. 3 fietsen en twee mannen in de bak, de kinderen en ik naast de cabine. De vreemdste ferry ooit genomen. 

Zalig zijn de flexibelen van geest

24 juni Kunming – Guilin Bullettrein

25, 26 juni Guilin

27 juni Guillin – Xingping 74 km

We hadden er wat nachten en dagen over nagdacht, lazen blogs (ik) en professionele (hij) reisberichten en kwamen tot de slotsom dat we gingen fietsen van Guilin tot Wuhan. Dat was een compromis van hoogtemeters temperatuur, schoonheid en afstand… 

We stuurden de fietsen vooruit (met de trein) en namen zelf de bullit trein van Kunming naar Guilin. Met een snelheid van 250 tot 300 km/h zoefden de prachtige landschappen voorbij, terwijl ik Harry Potter voorlees (blijkt exact 20 jaar geleden uitgekomen, dus het werd wel es tijd dat ik meeben en de kinderen meteen ook) en hij noedels klaarmaakt (warm water overal, ook in de trein). Wellicht brachten we 80% van de 6u reistijd vooral in tunnels door,  het geeft een idee van de megalomane infrastructuurwreken die hier plaatsvinden. Enkele jaren geleden deed je nog 30u over de treinrit. 

Een trein met een lange neus (bullit)

Fietsen waren in goede handen (eigenlijk stonden 10 medewekers zich te vergapen aan de Pino, maar ze gingen lopen voor de foto)

In Guillin aangekomen slaat de warmte in ons gezicht. Warmte heeft bij mij hetzelfde effect als een kater. Als je erin zit denk je, nooit meer, maar eenmaal je er een paar dagen niet mee geconfronteerd bent, vergeet je weer wat het was en maak je met onbeholpen plezier opnieuw dezelfde keuzes. 

Guilin 

 De volgende dag gaan we eerst naar het politiekantoor, op 5 juli vervalt ons visum en we willen 30 dagen verlengen. Via verhalen op het wereldwijde web lijkt dat vrij eenvoudig. Groot is dan ook de ontgoocheling dat ons – na het invullen van alle documenten én afgeven van de paspoorten- wordt meegdeeld dat we binnen 10 dagen ons visum kunnen komen halen en dat we in tussentijd Guilin niet kunnen verlaten. Het volgende uur doorlopen we alle stadia: ontgoocheld, droef, ontzet, kwaad en tenslotte 2 pinten. 

Nog maar es plannen aanpassen. We willen sowieso de fiets op. Een toer van 10 dagen in de provincie Guangxi moet mogelijk en mooi zijn, met onze papiertjes ipv paspoorten kunnen we overnachting boeken (maar geen treinen). Guillin zelf lijkt ons niet de moeite om lang te blijven hangen. Veel toerisme, vooral inlands. Voor ons hostel stopt om de 5 minuten een bus met een lading Chinezen die in regenjas gehuld achter de gids met vlag aanlopen. China moedigt niet echt indiviualisme aan en in toeristische uitstapjes is dat goed te merken. Guiilin is gebouwd rond en tussen eenzame kartsrotsblokken. Maar zoals wel vaker in China, moet je (veel) betalen om deze unieke exemplaren te kunnen zien. Tegen nieuwschierige én gierige toeristen (wij) hebben ze overal bambooplanten en hekken gezet, charmant.

Sommigen hebben een mooi omhulsel rond hun scooter maar de meesten rijden gewoon met een paraplu en een hele grote regenjas

Het giet al 2 dagen. Terwijl ik via facebook en instagram Belgen trots en opgelucht de eerste regendruppels zie delen, valt het hier met bakken uit de lucht. We vertrekken dan ook terwijl het regent  met onze regenjasjes aan en de kinderen extra beschermd met hun plastic omhulsels. Na een paar km begint het te drashen en we rijden de eerste 25 km in de gietende regen. Het schiet dan ook niet echt op. We overwegen even om te stoppen en te slapen in Daxu maar na het middageten is het droog. Mijn voeten schuiven in mijn doorweeekte sandalen. M klappertand,C zit weggedoken in haar plastic zeil. 

We gaan door. Zo blij weer op de fiets te zitten. De weg is goed, er werd zelfs zwaar geïnvesteerd in een fietspad maar dat kampt met heel wat problemen. Het volgt de rivier Li maar die is de voorbije dagen zo uit zijn oevers getreden dat het fietspad bijna voortdurend verdwijnt onder water. En boven water lijkt het verward te worden met parkeerplaatsen voor tuktuks en bakfietsen. Dan blijkt mijn band weer es lek te zijn, zeer langzaam lost ie. M is net in slaap gevallen en we besluiten om gewoon te pompen en te hopen dat ie het min of meer houdt tot aan het eindpunt (wat hij deed).  

Ik denk dat ik nu maar stop met zulke foto’s te delen, stel dat we de ergonomische politie op ons dak krijgen

Na 40 km komt de eerste klim en meteen op een weg vollop in verbouwing. Best pittig maar dat mijn mond openvalt heeft meer te maken met de schoonheid van het landschap. Bij momenten lijkt het of een gigantische draak in slaap gevallen is en bomen op zijn schubben zijn gegroeid, dan weer alsof het kartgebergte met Thumbs up ons wil aanmoedigen om even later flarden mist tussen de pieken te zien zweven. Hij vindt dat ik traag vorder en misschien is dat ook wel zo maar ik wil dit even niet horen en  genieten van het fietsen, het uitzicht, Camille die op de fiets altijd ineens vanalles te vertellen heeft en wij meisjes deden het toch maar weer eens! 75 km met regen, steile hellingen, wegenwerken en dat alles nog steeds met open mond!

Goodmorning Noord Vietnam

1 juni Hanoi – Sapa met de bus
3 juni sapa – Pho Lu 65 km
4 juni Pho  Lu – Lao Cai 35 km

Plots stonden we midden in een landschap uit een toeristische reisbrochure. Rond ons verschenen de rijstterrassen waar ik over leerde in  de lagere school, lagen waterbuffels gezapig te wachten in de modder en stonden vrouwen onder (i)conische hoedjes met hun voeten in het water rijst te planten.

We reden naar het Noorden van Vietnam met en luxe bus waar we in plaats van een zetel elk een bed hadden. Wanneer worden zulke bussen eens ingezet in Europa? Dit zou een deftig alternatief bieden voor de veel te goedkopen vluchten. Ik denk niet echt met heimwee terug aan mijn vele Eurolines avonturen, maar met zulke bussen zou Europa zich eenvoudig en veel milieuvriendelijker ontsluiten na een nachtje slapen.
Wij namen de bus overdag (anders kwamen we yoe in het holst van de nacht) en de kinderen waren konig te rijk in hun prive dubbel bed.

Sapa is een bergdorp aan de hoogste berg (Fansipan) van Zuid-Oost Azie en is uitgegroeid tot en toeristische trekpleister. Het uitzicht is adembenemend, de bouwwoede verbluffend. Hotel, wegen en resturants schieten als paddestoelen uit de grond. De dorpen rond Sapa worden bewoond door ethnische minderheden in traditionele en kleurrijke klederdracht. Je kan via tal van geleide wandelingen en meerdaagse trekkigs de dorpen gaan bezoeken en via homestay het leven even delen. Vrouwen in prachtige kleren vullen de straten. Hun Engels is beter dan in hele delen van Vietnam, hun verkoopspraat gedrevener, hun vastberadenheid sterker. Gelukkig zijn we met de fiets, anders kwam ik thuis met traditionele rokken die ik nooit zou aan doen, hoofddeksels die in Europa enkel voor Carnaval kunnen gebruikt worden en handgemaakte bedspreien die wellicht niet gewassen mogen worden. 

We laten de fiets aan de kant en wandelen op eigen houtje door rijstvelden, dorpen en bergen. Om de dorpen te bezoeken moet je ingang betalen. Wat je daarna tegenkomt heeft pretpark en Bokrijk allures, alleen wonen hier mensen. Hordes toeristen lopen acher elkaar door het nauwe steegje, nemen selfies in huizen van oudjes, shoppen in de stalletjes en volgen hun gids. Kindjes vragen geld voor een foto van hun (piture, money). Maar zoals overal is het 10m verder rustig en verlaten. We doen een adembenemende wandeling en ik kijk vol bewondering naar de vrouwen die urenlang vooovergebogen in de zon de jonge rijstplantjes planten.

 

De volgende dag rijden we de berg af met fiets. De eerste 15 km is de de weg in slechte staat, wat maakt dat ik ongecompliceerd mijn remmen toe kan knijpen om putten en stenen te vermijden. In Sapa was het behoorlijk koel, maar de zon breekt door en de rit wordt zwaar. Er is opnieuw weinig schaduw en hoewel we veel hoogtemeters dalen moeten we er ook stijgen (2700 dalen, 1300 stijgen). We doen er lang over. Een heuvel op moet ik afstappen en terwijl ik discusseer met mijn zoon dat ook hij moet stappen omdat ik de fiets niet kan duwen als hij blijft zitten (jij kan dat wel hoor mama, ik ben moe), bakt de zon mij ongenadig gaar en voel ik mij enerzijds totaal onverantwoord en anderzijds ontgoocheld in mijn eigen kunnen. Maar kijk, hoe verder we  van Sapa wegrijden, hoe vaker de mensen weer spontaan lachen en ons welkom heten (en ons ook wel aanmanen te stoppen en thee te komen drinken). We geraken in Pho Lu De Nha Nghi waar we slapen heeft snachts veel bezoek en lawaai, ik word er een paar keer wakker maar ben zo uitgeput dat ik er grotendeels doorheen slaap.

Idee was om Bac Ha te bezoeken. We zien echter de 1800 m stijgen op 40 km niet zitten. De temperatuur is bijna 40 graden. We gan vruchetloos op zoek naar een taxi of bus en besluiten tenslotte om naar Lao Cai te fietsen. Wederom is het veel te warm. Ik zie mezelf niet als grote heldin, meestal ben ik zelfs redelijk bang en voorzichtig. Ik rem zwaar bergaf, rij altijd met helm op, neem geen onnodige risico’s, wacht voor het rood licht (en twijfel zelfs bij nog maar 5 sec groen -de verkeerslichten tellen hier af). Tja, ik werd vroeger wel eens seut genoemd. Iets dat ik eenmaal moeder zijnde, eerder omvorm in voorzichtig vooruitziend. Het klein beetje heldenstatus dat ik mezelf aanmat, voel ik meestal op de fiets. Maar vandaag ging het van hero naar zero. Ik dacht meermaals ‘dit kan ik niet’. Hoewel de weg redelijk ok was, voelde ik me misselijk, dacht dat ik zonneslag opliep of misschien wel een hartstilstand aan het krijgen was. Zelfs bergaf, waar normaal de wind je afkoelt, was een tocht in de adem van de hel. Het asfalt brandde, de lucht was droog, warm en stoffig. Hoewel de kinderen lange broek en lange mouwen droegen, voelde hun helm alsof ie in brand stond. Maurice viel opieuw in slaap op de pino. Aangekomen in on hotelletjes in Lao Cai mochten we met fiets en al binnen rijden (maurice kon zo verder slapen) en, zaten we 15 min nietszeggend onder de ventilater, water drinkend, de eigenaar keek toe en ik zou graag geweten hebben wat de blik in zijn ogen juist betekende.

Hanoi en het BOTS principe.

21 mei (25 km naar Hanoi) – 25 mei Hanoi

Steden die aan een rivier gelegen zijn, rijden vaak best aangenaam binnen. Zo ook Hanoi. Tot in de buitenwijken volg je de Rode rivier. En dan begint het koorddansgevecht door de smalle steegjes met brommers, fietsers en auto’s die je precaire evenwicht uitdagen. Meer nog raak ik uit balans door de stalletjes met gebraden en doormidden gekliefde hond.

Hanoi binnen fietsen. Je hebt geen gopro nodig als je een kind vooraan vervoert

We geraken in ons hotelletje in het oude kwartier. Al mijn zintuigen staan op scherp, een kwartier fietsen in Hanoi vergt evenveel van mijn lichaam als 50 km tegenwind. 7,5 miljoen mensen wonen hier en de meeste verplaatsen zich met bromfietsen. Voetpaden zijn er niet- en als ze er zijn, zijn het bromerstaanplaatsen – dus alles gebeurt op de openbare weg, inclusief koken, kippen slachten, thee drinken en parkeren. Heel het oude kwartier vult zich met een lang monotoon lawaai van getoeter en geroep. Hier geldt het omgekeerde van het STOP principe, stappers en trappers zijn zwaar in de verdrukking. Personenswagens zijn zeldaam dus zet de Brommer maar op kop  in het BOTS principe. 

Iedereen op de bromfiets

De voetpaden zijn er soms, maar nooit bruikbaar

De volgende dagen wil ik liefst wandelend Hanoi verkennen, maar dat is blijkt snel nog moeilijker. Voortdurend een kind aan zijn/haar arm meesleuren, stapje vooruit zetten, twee terug, opletten, zachtjes je tussen brommers  doormanoeuvreren… Hij verkiest de fiets, go with the flow en je wordt meegezogen in een krioelend wespennest dat zijn eigen dans danst. Hoewel het van mij wat moed vergt om me erin te begeven, is het – eenmaal je rijdt -best te doen. De snelheid is laag en het lijkt wel of Vietnamezen begadigd zijn met voelsprieten en 5 paar ogen. 1,5 km fietsen op de Long Bien brug is een mengeling van verbazing, opperste concentratie en een opgejaagd ikwilhierwegmaarkannietkeren gevoel. Ik voel me zelden op mijn ongemak op de fiets, maar deze stad slaagt erin me uit mijn lood te slaan. Zouden niet ervaren fietsers zich net zo verdrukt voelen in Gent? 

West lake in Hanoi.

M trekt het zich niet aan en valt in slaap. Iedereen handgebaart naar ons dat we moeten stoppen. Ze binden hier ganzen, varkens en honden op de fiets maar een slapend kind is blijkbaar not done (ok, helemaal comfi ligt ie niet).

Koken op straat

Heerlijk veel stalletjes met verse groenten en tofu en vvv (vis,vlees,vliegen)

We blijven 4 dagen in Hanoi want doen heel wat huzarentrukjes om ons visum voor China te regelen. Gelukkig heeft Hanoi ookveel tofu, smoothies, loempia’s, bier en volk. We genieten dus ook van lekker eten, wat winkelen in de talrijke boetiekjes en ontspannen. Maar na 4 dagen heb ik het ook echt gehad. Ik hou van drukte, levendigheid en geroezemoes. Alleen is hier voor ons op dit moment nergens een plek of moment van rust. Ik wil hier weg. Ik wil kunnen buitenkomen en niet aangeklampt worden om een ritje te doen in een risjka, 10 bananen te kopen, mijn voeten veilig kunnen neerzetten, mijn oren willen onstpannen, mijn longen schreeuwen naar  verse lucht.

Plots blijkt WordPress ook geblokkeerd. Blijkbaar kan je in hele delen van Vietnam niet bloggen. Hij is gelukkig even goed met digitale media als met de fiets en via tunnels en hazen geraak ik moeiteloos weer op het web.